Internist-oncoloog Laurens Beerepoot: “Door meer onderzoek te doen, leren we steeds beter welke behandeling bij welke patiënt past”

 

Op het moment dat mensen bij internist-oncoloog Laurens Beerepoot de behandelkamer binnenstappen, staan ze vaak op een heel spannend punt in hun leven. “Dat ik in zo'n situatie écht iets voor hen kan betekenen, maakt mijn werk ontzettend waardevol.”

 

De arts windt er geen doekjes om. Meedoen of geld doneren aan Swim to fight cancer is hartstikke belangrijk. “Zo’n event als dit zorgt voor empowering. Voor mensen die kampen met deze ziekte, maar ook voor familie en eventuele nabestaanden. Het geeft grip, om op een positieve manier iets te kunnen doen. Bijna iedereen kan zwemmen, dus iedereen kan ook echt meedoen. Dat maakt het zo mooi.”

 

Meer regie voor de patiënt

Natuurlijk, vervolgt hij, geld voor onderzoek is altijd nodig. Laurens werkt in het ETZ in Tilburg. Elke dag fietst hij er naartoe: “Tien kilometer lang, kop in de wind.” In de vijftien jaar dat hij zich nu internist-oncoloog mag noemen, is er ontzettend veel verbeterd. Als voorbeelden noemt hij de vele onderzoeken naar kanker die al gedaan zijn. “Dit vakgebied is wetenschappelijk gezien ontzettend goed onderbouwd.” Ook de relatie arts en patiënt is veranderd. In plaats van het behandeltraject als een voldongen feit neer te leggen, gaan artsen nu in gesprek met de patiënt over wat past bij zijn leven, en de wensen en eisen die hij daaraan stelt. “Soms is niet behandelen dan óók een optie.”

 

Complexe materie

Naar de behandeling van kanker is nog veel meer onderzoek nodig. “Dat zit ‘m in twee gebieden”, legt de arts uit. “Aan de ene kant: welke moleculaire eigenschappen heeft de tumor? Dat is ontzettend complex. Hoe meer we weten over een specifieke tumor, hoe beter we kunnen behandelen.” Het tweede onderzoeksgebied gaat over de patiënt zelf. “En dan heb je het dus over de eigenschappen van de patiënt in relatie tot de behandelopties. De behandeling die bij tumor X in de boeken staat, wat levert die daadwerkelijk op bij patiënt Y of patiënt Z? Zo leren we steeds meer over wat mogelijk is voor specifieke patiënten. En we zijn dan ook beter in staat om prognoses te maken bij een bepaald ziektebeeld. Je kunt zo samen het gesprek aangaan over de balans tussen het nut van een behandeling en de bijwerkingen.”

 

Positief verhaal

“We kijken heel goed naar wat past bij een individuele patiënt. Ook wanneer iemand niet meer beter wordt, kijken we naar mogelijkheden om het leven op een prettige manier af te ronden”, vervolgt hij. “Door onderzoek te doen, zijn we in staat de behandeltrajecten steeds beter toe te spitsen op het ziektebeeld én op de persoon.” Initiatieven zoals Swim to fight cancer zorgen niet alleen voor het nodige onderzoeksgeld, ook de positieve aandacht voor onderzoek naar en de behandeling van kanker is van belang. Wat de arts betreft melden zich zoveel mogelijk mensen aan, al was het maar om die reden. “Meedoen aan dit event geeft je kracht én je helpt er een ander mee. Mooier dan dat kun je het toch niet krijgen?’